Het verhaal van voorganger John Piper, gisteren in het Reformatorisch Dagblad, over zijn ervaringen met Twitter is een schot in de roos, vind ik. Piper stelt zelf nadrukkelijk dat de manier waarop hij Twitter gebruikt niet normatief is. Het is goed dat hij dit stelt. En toch zouden voorgangers zich minstens kunnen laten inspireren door zijn krachtige, doelgerichte en inhoudelijke Twitter-aanpak.
De tweets van John Piper zijn stuk voor stuk kleine pastorale of Bijbelse statements. Aan interactie met zijn volgers lijkt Piper niet te doen. Hiervoor (Piper heeft ruim 195.000 Twitter-volgers) zou hij waarschijnlijk ook een social media manager moeten aannemen. Ik zou dat overigens aanradenswaardig vinden, hoewel het praktisch en financieel natuurlijk wel haalbaar moet zijn. Echte lange-termijnrelaties met je volgers, Facebook- en Hyvesvrienden bereik je namelijk door online het contact (gesprek) te zoeken.
Kracht van Piper
Piper gebruikt Twitter echter heel doelbewust als medium om te ‘zenden’. ‘Ik wil belangrijke theologische dingen zeggen, en ik wil ze zeggen op een overtuigende manier’, stelt hij. Geen voorganger in Nederland heeft zo’n grote schare Twitter-volgers als Piper. Een kleine duizend is de max (zo niet, breng me op de hoogte). Dat de online interactie teveel tijd kost, hoeft voor voorgangers in Nederland dus geen argument te zijn om deze achterwege te laten. Ga dan ook vooral die interactie aan.
De kracht van Pipers Twitter-gebruik zit vooral hierin:
- Twitter is een op zichzelf staande, doelbewuste ‘tool’, die gericht en overwogen gebruikt wordt;
- tweets onderscheiden zich door een inhoud met meerwaarde.
Nogmaals: voorgangers hoeven niet allen te gaan twitteren zoals John Piper. Natuurlijk niet. Maar soms ‘een onsje meer Piper’, zou wel prettig zijn….
Geen opmerkingen:
Een reactie plaatsen